Berichten

Hennie kreeg hulp bij het hervatten van haar werk na blaaskanker

“Ondersteuningsconsulent Suzanne heeft mij geholpen in de omgang met mijn bedrijfsarts en me zekerder laten voelen. Zij heeft mij doen inzien dat ik niet ‘achterloop’ in mijn herstel.”

De diagnose kanker doet veel met je. Of je nu zelf de diagnose krijgt, of iemand die je liefhebt. Elke maand stellen we iemand vijf vragen die dankzij de ondersteuning van Stichting OOK beter om kan gaan met de impact van kanker. Deze maand vertelt Hennie (59) haar verhaal.

1. Kun je kort iets over jezelf en je diagnose kanker vertellen?

Ik ben Hennie van Veggel, 59 jaar. Ik ben getrouwd, heb twee dochters en een lieve kleindochter van 6 jaar. Momenteel ben ik werkzaam in de bejaardenzorg in Ettenleur. Vorig jaar zomer ben ik flink ziek geweest en had ik af en toe wat bloed in mijn urine bij het plassen. Na een echo en inwendig onderzoek in het Amphia Ziekenhuis in Breda bleek het om blaaskanker te gaan. Dat was wel het laatste wat ik had verwacht. Ik had nog nooit blaasontsteking gehad, laat staan blaaskanker! In het begin is het net alsof het niet over jezelf gaat, je stapt de medische molen in en ondergaat het allemaal maar. Uiteindelijk ben ik twee keer geopereerd en krijg ik sinds april dit jaar immunotherapie.

2. Waar liep je, na je diagnose kanker, tegenaan in jouw dagelijks leven?

Na de eerste drie sessies immunotherapie denk je: Als dit het is, dan doe ik het ervoor. Maar bij sessie nummer zes heb je nog maar weinig energie over, dat is behoorlijk pittig. Je wilt van alles, maar je loopt tegen jezelf aan. Daarnaast heb ik mijn werk intussen weer een beetje opgepakt. Collega’s en leidinggevenden tonen veel begrip, maar de relatie met mijn bedrijfsarts verloopt moeizaam. Ik kreeg te horen dat mijn ziekte ‘toch niet zo erg was als borstkanker’ en dat ik tijdens de immunotherapie wel kon werken omdat het ‘maar een spoelinkje’ was. Daar viel mijn mond van open. Het is geen zoutoplossing, dacht ik dan! Ook werd er geen rekening gehouden met mijn kwetsbaarheid tijdens het coronavirus. De bedrijfsarts verwachtte dat ik gewoon aan het werk zou zijn, terwijl ik niet meer naar het ziekenhuis zou mogen voor immunotherapie als ik besmet raak. Die situatie maakte mij heel onzeker, terwijl je lichamelijk en mentaal juist nog niet veel hectiek aan kan.

3. Hoe ging je hiermee om?

Ik doe er zelf al van alles aan om mijn conditie weer op te bouwen. Zo loop ik veel met de hond en fiets ik met mijn man. Het is lastig om te accepteren dat ik een stap terug moet nemen, maar ik heb er vertrouwen in dat mijn energieniveau weer bij zal trekken.

Daarnaast heb ik mijn bedrijfsarts aangesproken op haar onbegrip, daar heeft ze haar excuses voor aangeboden. Met de hulp van Stichting OOK leer ik om op mijn eigen voorwaarden te re-integreren, samen met mijn leidinggevende. Ook word ik gelukkig gesteund door mijn collega’s, vrienden en staat mijn gezin altijd voor me klaar.

4. Hoe heb jij Mijn OOK gebruikt en hoe heeft dit je geholpen?

Toen ik online zocht naar informatie over mijn ziekte kwam ik bij Stichting OOK terecht. In de coronatijd is het lastig om met mensen af te spreken, bijvoorbeeld met zorgverleners. Via Mijn OOK kan ik op afstand over mijn situatie praten met ondersteuningsconsulent Suzanne. Zij heeft veel kennis en ervaring dankzij haar werk als oncologieverpleegkundige en begrijpt waar ik het over heb. We spreken elkaar om de zoveel tijd door te videobellen, dat voelt voor mij fijn en persoonlijk.

Suzanne heeft me verschillende tips gegeven om beter om te gaan met mijn energie. Ook heeft ze mij ondersteund in de omgang met mijn bedrijfsarts en me zekerder laten voelen. Suzanne heeft mij doen inzien dat mijn lichaam gewoon heel hard moet werken om bij te komen van de immunotherapie en dat ik niet ‘achterloop’ in mijn herstel. Je gaat eigenlijk maar door in die medische molen, maar zit je soms toch echt wel met vragen of emoties. De ondersteuningsconsulent kan je daar goed bij helpen en neemt de tijd voor je. Ik spreek Suzanne weer in december, tijdens onze volgende videobel afspraak.

5. Welke tip zou je anderen geven?

Durf om hulp te vragen, je kunt het niet allemaal alleen! Ook is het prettig om naast je partner of kinderen met iemand anders te praten. Na de diagnose kanker gaat er zoveel door je heen en heb je zoveel vragen. Omdat de ondersteuningsconsulent, in mijn geval Suzanne, oncologie professional is kan je met veel vragen bij haar terecht. De ondersteuning van Stichting OOK is een goede tip.


Ervaar je zelf ook de gevolgen van kanker op je dagelijks leven? De ondersteuningsconsulent staat voor jou klaar via de online omgeving Mijn OOK. Maak gratis een persoonlijk account aan en krijg informatie en advies op maat via berichten of videobellen. Klik hier voor meer informatie over Mijn OOK.

“Maak bedrijfsgeneeskundig advies vast onderdeel van kankerbehandeling werkenden”

NVAB – 17 juni 2019. De begeleiding van werkenden met of na kanker kan en moet beter. De NVAB is ervan overtuigd dat de bedrijfsarts hierbij het verschil kan maken. Daarom doen zij een oproep aan de eigen achterban én alle andere betrokken partijen: maak van bedrijfsgeneeskundig advies een vast onderdeel van het behandeltraject.

NVAB-voorzitter Gertjan Beens: “Veel mensen met kanker kunnen werken en willen dat ook graag. Maar ook als je graag wilt, is een passend werkend perspectief vinden vaak niet eenvoudig. Op dit moment raken veel (ex-) kankerpatiënten op het werk in de knel, of komen ze zelfs helemaal aan de kant te staan. De NVAB vindt dat onaanvaardbaar. Als beroepsvereniging van bedrijfsartsen voelen wij ons verantwoordelijk voor de kwaliteit van de begeleiding die mensen bij dit vraagstuk ontvangen. De realiteit is dat die begeleiding op dit moment nog te vaak als onvoldoende wordt ervaren, of zelfs helemaal ontbreekt. Daarom roepen we alle betrokkenen – onze eigen achterban nadrukkelijk inbegrepen – op om hier verandering in te brengen.”

Bedrijfsarts kan het verschil maken

De NVAB is ervan overtuigd dat goede bedrijfsgeneeskundige advisering bij werken met of na kanker het verschil kan maken. Beens: “Behoud en herstel van functioneren – ook in werk – moet niet alleen een uitkomstmaat van goede zorg zijn, maar hier ook richting aan geven. Als specialist op het gebied van werk en gezondheid is de bedrijfsarts de aangewezen persoon om met werknemers de impact van hun ziekte en behandeling op het werk te bespreken. Zulke begeleiding stelt mensen in staat om afgewogen keuzes te maken: over hun werk, maar ook over behandelopties bij hun ziekte. Daarnaast kan de bedrijfsarts knelpunten in werk helpen voorkomen en oplossen, door werkgevers te adviseren over mogelijkheden en beperkingen. Behandelteams kunnen zijn specifieke kennis benutten om af te wegen welke gevolgen behandelkeuzes op de lange termijn hebben voor het functioneren in het werk en op de arbeidsmarkt.”

Er is nog een wereld te winnen

Bedrijfsarts en klinisch arbeidsgeneeskundige oncologie Desiree Dona ziet dagelijks van nabij dat er nog een wereld te winnen is. “Werknemers, werkgevers en zorgverleners weten onvoldoende wat de bedrijfsarts voor hen kan betekenen. Maar bedrijfsartsen mogen zelf hun rol ook proactiever oppakken en invullen.” Dona vindt dat haar vakgenoten zich goed moeten realiseren hoe cruciaal het is om vanaf de diagnose met de patiënt in gesprek te zijn. “Vooral mogelijke gevolgen van behandelingen op de langere termijn verdienen veel meer aandacht. De meeste (ex-) kankerpatiënten kunnen na hun behandeling weer aan het werk. Maar vervolgens ervaart liefst 75% langdurige veranderingen op psychisch, lichamelijk of cognitief gebied die een belemmering vormen in het dagelijks functioneren. Veel mensen hebben moeite om terug te keren in hun oorspronkelijke functie, of om hun oude of nieuwe werk te behouden.”

Het gaat om een groeiende uitdaging

Ton Jenner is als Bedrijfsarts Consulent Oncologie (BACO) gespecialiseerd in advisering en begeleiding van (ex-) kankerpatiënten en collega-bedrijfsartsen. Hij signaleert een groeiende uitdaging: “Meer aandacht van alle betrokkenen is hard nodig, want kanker en werk zijn een steeds vaker voorkomende combinatie. De beroepsbevolking vergrijst en gaat later met pensioen. We sporen de ziekte in een steeds vroeger stadium op. Dankzij nieuwe behandelingen overleven gelukkig meer kankerpatiënten – en kunnen ze bovendien vaker nog werken. Anno 2019 hebben al ongeveer 800.000 mensen kanker (gehad). Jaarlijks komen hier zo’n 45.000 werkenden bij. Die mensen verdienen deskundige begeleiding, want werk is belangrijk in onze maatschappij en in ons leven.”

NVAB geeft impuls met informatie en hulpmiddelen

De NVAB wil het niet bij een oproep laten, maar actief de uitwisseling van informatie over werken met of na kanker bevorderen. Beens: “Ons doel is dat bedrijfsgeneeskundig advies een vast onderdeel wordt van het behandeltraject. Dat kan alleen als dat advies kwalitatief goed is, en gebaseerd op de combinatie van bewijs vanuit de wetenschap en kennis vanuit de praktijk. Dat is ook het uitgangspunt van onze geactualiseerde richtlijn kanker en werk.” De weg naar verbetering begint volgens hem met goede informatie voor alle betrokkenen. “Op nvab-online.nl/werkenmetkanker bieden we werknemers, werkgevers, bedrijfsartsen en behandelteams praktische informatie en hulpmiddelen. Want één ding is zeker: niemand kan de begeleiding bij werken met of na kanker in zijn eentje verbeteren. We moeten het samen doen.”

‘Kwart kankerpatiënten mist goede begeleiding bedrijfsarts’

NFK – 1 april 2019. Ruim een kwart van de kankerpatiënten vindt dat hun bedrijfsarts tekortschiet in de begeleiding. In hun ogen ontbreekt het de arts aan specifieke kennis over kanker. Dat terwijl de ziekte grote gevolgen heeft voor hun werk. Bij negen op de tien mensen wordt de werksituatie aangepast, zes op de tien ervaart financiële gevolgen en een op de tien verliest zelfs zijn baan.

Dat blijkt uit het Doneer Je Ervaring-onderzoek van NFK onder 3.500 (ex-)kankerpatiënten en 602 naasten naar de impact van kanker op hun werk. Slechts 45 procent van de patiënten wordt begeleid door een bedrijfs- of verzekeringsarts. De meeste mensen maken met die arts een persoonlijk plan van aanpak, bespreken medische klachten en krijgen re-integratiebegeleiding. Veel patiënten zijn tevreden over de begeleiding van de bedrijfsarts, maar ruim een kwart van hen geeft echter aan iets gemist te hebben in de begeleiding. Ze missen vooral kennis en expertise over kanker, de behandeling en de gevolgen ervan. Ze voelen zich onbegrepen en geven de begeleiding van de bedrijfsarts een rapportcijfer 4,6.

Bedrijfsarts moet zich beter verdiepen in gevolgen kanker

“Wij vinden deze resultaten zorgwekkend. Bedrijfsartsen schieten nog te vaak te kort in de begeleiding van kankerpatiënten. Kennis over kanker en de gevolgen daarvan lijkt te ontbreken”, zegt directeur-bestuurder van NFK, Arja Broenland. “Wij zullen de resultaten van het onderzoek onder de aandacht brengen van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde. Ook roepen we bedrijfsartsen en aanverwante disciplines op om zich beter te verdiepen in de korte en lange termijn gevolgen van kanker.”

Ben je benieuwd naar het hele artikel? Deze lees je hier.