Omgaan met intimiteit bij kanker

Wat maakt dat je je geborgen voelt in je relatie? Dat kan te maken hebben met wederzijds respect, vertrouwen, maar ook zeker met intimiteit. Dat verandert niet opeens wanneer je ziek wordt. Maar wanneer je te maken krijgt met kanker kan dat je relatie en beleving van intimiteit behoorlijk beïnvloeden. Hoe ga je om met intimiteit als je relatie met je lichaam veranderd is? Stichting OOK denkt graag met je mee.

Intimiteit onder druk

De ondersteuningsconsulenten van Stichting OOK horen het geregeld terug. De intimiteit in de relatie komt onder druk te staan na een diagnose. Hierbij draait het niet alleen om seksualiteit, maar om intimiteit in de breedste zin van het woord. Het gaat ook om de behoefte aan een gewone, troostende aanraking. Gewoon even vastgehouden worden. Dat soort dingen zijn soms niet vanzelfsprekend meer. Vaak heeft dat te maken de veranderende rollen van beide partners ten opzichte van elkaar.

Opeens mantelzorger

Een van de partners is ziek en voelt zich misschien ook thuis een patiënt. De ander wordt opeens mantelzorger. Door deze zorgrol, kan intimiteit naar de achtergrond verschuiven. De verhouding in de relatie verandert. Dit is voor beide partijen vaak ingewikkeld. Er ontstaat een nieuwe realiteit. Beide partners moeten hiermee leren omgaan. Maar dit is lastig en kan juist voor afstand zorgen.

Verschillende behoeftes

Vaak horen ondersteuningsconsulenten terug dat de mantelzorger de zieke niet wil ‘lastigvallen’ met diens behoeftes. De patiënt kan juist last hebben van misselijkheid en andere kwalen waardoor de behoeftes rondom intimiteit afnemen. Maar tegelijkertijd hebben veel mensen, ondanks hun ziekte, ook heel veel verlangen naar aanraking. Gewoon even in iemands armen liggen en voelen dat die geborgenheid er is. Maar wanneer een of beide partners het lastig vindt om te praten over hun wensen, ontstaat er niet alleen een fysieke, maar ook emotionele afstand.

Onbegrip weghalen

Sommige mensen vinden gesprekken over intimiteit moeilijk. Hoewel intimiteit en seks een belangrijk onderdeel van een relatie zijn, is het onderwerp soms nog taboe. Zo’n 25% van de bevolking ervaart zo nu en dan moeilijkheden op seksueel gebied. Bij oncologiepatiënten ligt dat percentage nog hoger. Ondersteuningsconsulenten ondersteunen in die zin ook met het openen van de communicatie. Het is en blijft belangrijk om te praten over je eigen wensen en behoeften. En wat je wel en niet wilt of kunt. Door in gesprek te gaan, haal je ook onbegrip weg.

Misvattingen

Zo is het gewoon waar dat bepaalde medicatie het libido negatief beïnvloedt en het is belangrijk hier bewust van te zijn. Mannen kunnen bijvoorbeeld last hebben van erectieproblemen en vrouwen van vaginale droogheid. De misvatting bestaat weleens dat dat simpelweg op te lossen is met bijvoorbeeld glijmiddel. Maar intimiteit gaat niet alleen over het fysieke deel. Misschien voelt iemand zich ziek of onzeker door uiterlijke veranderingen. Denk hierbij aan een operatie of stoma. Dit kan enorm in de weg zitten. Maar weet je partner dat ook? Kan hij of zij daar rekening mee houden? Wat heb je nodig om wél weer te kunnen genieten van intimiteit?

Ga in gesprek

Onze ondersteuningsconsulenten helpen je dit soort antwoorden weer voor jezelf op een rijtje te krijgen. Bovendien kunnen ze je doorverwijzen naar de juiste hulpverlening. Het is jammer als dit soort problemen pas laat aan het licht komen. Het is daarom juist belangrijk om in gesprek te gaan over hoe jij en je partner het samen hebben. Bespreek of je nog weleens wat leuks doet samen en of je je intiem kunt voelen. Alleen zo kun je onbegrip of gevoelens van eenzaamheid verminderen.

Ondersteuning bij vragen

Als jij of een naaste te maken krijgt met kanker, dan staat je wereld op zijn kop. Je kunt met veel vragen rondlopen, bijvoorbeeld over relaties en intimiteit. Onze ondersteunconsulenten ondersteunen jou of je naaste en geven antwoord op al jouw vragen. Benieuwd wat wij voor jou kunnen betekenen? Neem gerust een kijkje op ons platform voor meer informatie.

Ik heb kanker, wat nu?

Je hebt de uitslag van het onderzoek gekregen: je hebt kanker. Wanneer je dat te horen krijgt, staat je wereld ongetwijfeld even stil. Er schieten allerlei verschillende scenario’s door je hoofd heen en je zit vol vragen. Wat betekent dit voor mijn lichaam? Hoe gaat mijn leven eruit zien? Word ik ooit weer beter? Maar ook de periode ná een oncologische behandeling kan erg ingewikkeld zijn.

Er komt veel op je af

Als de diagnose eenmaal is gesteld, krijg je in korte tijd allerlei informatie voor je kiezen. Wat er gaat er gebeuren, welke behandelingen er mogelijk zijn en welke aanpassingen je kunt of moet doen in je leven. Je hebt minder energie, moet geregeld naar (behandel)afspraken en hebt tijd nodig voor herstel. Aan de ene kant is dat noodzakelijk en nuttig: er moet ingegrepen worden en je hebt iets om je aan vast te houden. Maar het kan ook uitputtend zijn en ervoor zorgen dat je je ná alle belangrijke beslissingen leeg voelt.

Grote levensvragen

Na de diagnose als kanker krijg je onverwacht je maken met grote levensvragen. Dat kan erg moeilijk zijn om mee om te gaan. Ondersteuningsconsulent Ingrid vertelt: ‘Natuurlijk krijg je vanuit het ziekenhuis een arts, soms een researchverpleegkundige of een casemanager. Maar die zijn niet altijd even gemakkelijk bereikbaar. Bovendien zijn die er met name voor het medische gedeelte en kan de behoefte ontstaan om vanuit je eigen thuissituatie hulp te ontvangen. Met een ondersteuningsconsulent heb je videoconsulten vanuit je eigen woonkamer en kijken jullie samen naar de gewenste hulp of ondersteuning in je eigen vertrouwde omgeving. Wanneer je behoefte hebt aan ondersteuning op psychosociaal vlak, dan is het heel belangrijk daar op laagdrempelige wijze toegang toe te hebben.’

Tijdens de behandeling

Tijdens de ziekte en daarna kun je te maken krijgen met veel uiteenlopende problemen. Een aantal veel voorkomende klachten zijn bijvoorbeeld:

  • Verminderde conditie
  • Vermoeidheid
  • Angstig
  • Onzekerheid
  • Prikkelbaar
  • Weinig concentratievermogen

Na afloop van de behandeling

Wanneer de behandeling tot een einde is gekomen, krijg je vaak pas tijd om je te realiseren wat er allemaal is gebeurd in de afgelopen periode. Het verwerkingsproces kan dan eigenlijk echt beginnen. Ingrid vertelt dat het dan ook in veel situaties wenselijk is om mensen zo snel mogelijk bij te kunnen staan. ‘Maar helaas gebeurt dat zelden. Veel mensen komen pas met ons in contact wanneer ze in het beruchte zwarte gat zijn gevallen na een behandeling of tijdens de onderhoudsbehandeling. Ze zijn dan weer beter of de situatie is stabiel, maar merken dat het nog niet goed lukt om blij te zijn. De vraag ‘wat moet ik nu met mijn leven?’ of ‘hoe lang heb ik nog?’ blijft ook dan nog een belangrijk thema. Dit heeft natuurlijk ook effect op hun naasten.’

Een luisterend oor

Praten met mensen is in dat geval vaak enorm belangrijk. Op die manier krijg je ruimte voor en inzicht in je gevoelens, angsten en eventuele zorgen. Vaak wil je omgeving de rol van luisterend oor graag op zich nemen, maar soms kan het lastig zijn hen te ‘belasten’ met jouw emoties. Ingrid: ‘Hoe goed bedoeld ook, de mensen om je heen hebben misschien geen oncologische achtergrond. Of ze staan te dichtbij en weten ook niet hoe het zit. Vaak worden er situaties van andere kennissen bij gehaald, terwijl jouw situatie heel anders is. Goede, inhoudelijke ondersteuning is daarom heel belangrijk.’

Ondersteuning bij vragen

Als jij of een naaste te maken krijgt met kanker, dan staat je wereld op z’n kop. Je kunt met veel vragen rondlopen, bijvoorbeeld over relaties en intimiteit. Onze ondersteuningsconsulenten ondersteunen jou of je naaste en geven antwoord op al jouw vragen. Benieuwd wat wij voor jou kunnen betekenen?

Mantelzorger Stijn (14): ‘Grootste angst dat mama opnieuw kanker krijgt’

Het liefst zit hij te gamen. ‘Dat verzet mijn gedachten een beetje’, verklaart Stijn Raats zijn grote hobby. ‘Want ergens in mijn achterhoofd ben ik er wel altijd mee bezig. Gaat het wel goed met mama? Hoe gaat het met haar? Ik probeer er zoveel mogelijk voor haar te zijn. Ze heeft met veel dingen hulp nodig: de honden borstelen, was naar boven brengen, de zonwering naar beneden doen. Dat soort dingen.’

Stijn is 14 jaar en mantelzorger. ‘Stijn en zijn één jaar oudere zus zijn opgegroeid met een zieke moeder’, legt Monique, moeder van beide kinderen, uit. ‘Het kwam regelmatig voor dat ze ’s morgens wakker werden en oma aantroffen in huis, omdat ik weer plotseling in het ziekenhuis was opgenomen. Ik heb de ziekte van Crohn. Doordat ik zo vaak ziek was, deden Stijn en zijn zus altijd al klusjes in het huishouden: met de was helpen, bedden verschonen, stofzuigen, de honden uitlaten. Het liefst zou ik ze alles uit handen nemen, maar dat gaat niet. Helemaal niet sinds er in april 2021 een vorm van huidkanker bij mijn oog werd geconstateerd.’

Begrip is het allerbelangrijkst

Diagnose kanker is onrealistisch

Stijn kan zich dat moment nog goed herinneren. ‘Mama had een zwelling bij haar oog. De dokter dacht aan een traanbuisontsteking, maar het ging niet weg. Verder onderzoek was noodzakelijk. Toen ze de uitslag van deze onderzoeken kreeg, vertelde ze mij dat ze kanker had. Ik had echt geen idee! Echt heel onrealistisch! Ik wist niet wat ik moest denken. Ze is toen geopereerd en bestraald. In november van dat jaar kregen we het goede nieuws dat alles weg was, maar een paar maanden later, in februari, vond ze een bultje in haar wang en bleek er een uitzaaiing in de speekselklier te zitten. Dat hebben ze wel goed kunnen weghalen, maar ze heeft er wel veel pijn aan gehad.’

Het is mijn grootste angst dat mama opnieuw kanker krijgt en het niet meer opgelost kan worden

Ander level

Dat zijn moeder hem regelmatig vraagt om iets voor haar te doen, vindt Stijn geen probleem. ‘Ik was altijd al wel zorgzaam, maar kanker heeft me wel doen inzien dat ik maar één moeder heb. Ik leef wel altijd met de angst dat ik op een dag wakker word en de kanker weer terug is en ze er niets meer aan kunnen doen. Ik heb daar ook weleens met mama over gepraat, maar ze heeft me verzekerd dat ze voorlopig nog niet bij me weggaat. Mijn vrienden weten wel wat er bij mij thuis aan de hand is, dus als ik soms een beetje stil ben, snappen ze dat wel. Maar echt helemaal begrijpen doen ze het niet. Ik zit wat dat betreft op een heel ander level dan zij.’

Kanker heeft me doen inzien dat ik maar één moeder heb

 

Onbegrip

‘Onze kinderen hebben door mijn ziekte een heel andere jeugd gehad dan hun leeftijdgenootjes’, realiseert Monique zich. ‘Ze zijn op emotioneel gebied veel verder. Ze hebben al zoveel meegemaakt. Zaken waarmee zij dealen, spelen over het algemeen niet bij hun leeftijdgenootjes. Daardoor is er niet altijd even veel begrip voor hen. Ik zou willen dat dat anders was. Als er meer begrip zou zijn, zou het gemakkelijker voor Stijn en zijn zus zijn. De één vlucht in het gamen, de ander in de telefoon. Ik denk wel dat ze bang zijn, vooral op de momenten dat er uitslagen zijn of als ik weer geopereerd moet worden.’

Begeleiding

Dankzij de begeleiding van Laura van Nispen van FIKS Begeleiding, welke (aan huis) psychosociale begeleiding aan gezinnen met een ouder met kanker geeft, kan Stijn zo nu en dan zijn zorgen over zijn moeder delen. Stijn: ‘Ik heb Laura ontmoet bij Inloophuis De Eik, waar ik heb deelgenomen aan de Kasamgroep (kanker heb je samen). Deze lotgenotenbijeenkomsten waren georganiseerd voor een groep kinderen van ouders met kanker. We konden met elkaar praten over allerlei dingen over kanker. Laura helpt ons nu thuis met allerlei dingen. Dan praat ze met mijn moeder, ouders, zus en met mij. Allemaal tegelijk of los van elkaar. Dat is soms wel prettig. Maar het liefst ga ik gamen. Dan denk ik even nergens meer aan.’


In aanloop naar de Dag van de Mantelzorg vragen Stichting Optimale Ondersteuning bij Kanker (OOK) samen met Gilead Sciences aandacht voor naasten van mensen die leven met kanker. Dit kan een familielid, partner of goede vriend(in) zijn die uit liefde voor de ander de rol van mantelzorger – en daarmee de zorgtaken – op zich neemt maar zichzelf wellicht (nog) niet zo ziet.


Mijn-OOK-op-computer-tablet-en-telefoon-Stichting-Optimale-Ondersteuning-bij-kanker

Heb je vragen of wil je graag hulp? Ga dan in gesprek met onze ondersteuningsconsulent via de online omgeving ‘Mijn OOK‘. Maak kennis tijdens een intakegesprek en bekijk samen wat jouw behoeften zijn. Vervolgens krijg je de begeleiding die bij jou past, zoals bijvoorbeeld een maandelijks videobelconsult. Klik op de onderstaande knop voor meer informatie.

‘Ik vond het vanzelfsprekend dat ik extra klusjes deed en er voor haar was’

De 21-jarige Sarah Hemmes ziet zichzelf niet als jonge mantelzorger als ze terugkijkt op de periodes in haar jeugd toen haar moeder ernstig ziek was. ‘Nee, ik vond het juist heel logisch dat ik extra klusjes deed in huis en haar zo veel mogelijk gezelschap hield. Dat is toch vanzelfsprekend? Soms wilde ik zelfs dat ik nóg meer voor haar kon doen, zodat ze weer beter kon worden.’

De eerste keer dat haar moeder ziek werd, was Sarah 10 jaar oud. ‘Ik weet het nog precies. Terwijl mijn ouders boven waren, was ik beneden aan het spelen. Op een gegeven moment kwamen ze de kamer binnen. Aan hun gezichten zag ik meteen dat er iets was. Ik moest bij hen op de bank komen zitten, en terwijl ik bij mama op schoot zat en ze me knuffelde, vertelde papa dat we niet op vakantie zouden gaan. Dat kon niet want mama had een bobbeltje in haar borst. Een slecht bobbeltje. Dat moest eruit, want anders zou mama ernstig ziek worden. Ze moest zo snel mogelijk geopereerd worden.

Ik ben geen moment teleurgesteld geweest dat de vakantie niet doorging, want ik zag wel aan hun gezichten dat het iets heel ergs was. Er was iets met mama en dat was het allerbelangrijkst.’

Operaties

‘Ik was niet bang, maar ik vond het wel eng’, weet Sarah nog precies. ‘Vooral toen ik de reacties zag van mijn vriendinnen en de leerkracht van de basisschool. Zij waren meer in shock dan ik, maar het deed me wel beseffen dat blijkbaar niet iedere moeder dit had.’

Niet lang daarna werd de moeder van Sarah geopereerd. ‘De eerste keer dat ik haar na de operatie zag, schrok ik heel erg. Dat beeld zie ik ook nog steeds voor me. Mama, die daar lijkbleek in dat grote bed lag. Zo kwetsbaar. Met roze plekken op haar huid rond het operatiegebied. Ze was zó beroerd van de narcose. Ik heb geen woord gezegd. Wel gehuild. Waarschijnlijk omdat mama ook moest huilen. Ik was helemaal overdonderd. Na haar borstamputatie is ze trouwens nog een paar keer geopereerd, omdat het wondgebied er erg lelijk uitzag. Ze lag daardoor heel vaak in het ziekenhuis en ik heb haar vaak uit de narcose zien komen. Elke keer was ze daar weer erg ziek van. Elke keer als zij was opgenomen, moest ik ’s avonds thuis in bed erg huilen. Niet omdat ik bang was dat er iets niet goed zou gaan hoor, maar gewoon omdat ik haar zo miste.’

Chemotherapie

‘Mama bleef 5,5 jaar onder controle, en toen kreeg ze te horen dat ze helemaal beter was. Ze heeft toen zelfs nog een feestje gegeven. Maar na een halfjaar was het weer mis. Dit keer zat de kanker dichter bij haar oksel en was het zich al aan het uitzaaien. Dat was wel heel heftig. Ik was inmiddels 15 en besefte alles veel beter dan de eerste keer. Ik was ervan overtuigd dat ze dood zou gaan’, blikt Sarah terug. ‘Er werd gelijk gestart met chemokuren: zestien in totaal. Eigenlijk vond ik dat nog erger dan die operaties. Ik vond het vreselijk om mama zo ziek te zien. Ik deed altijd al wel klusjes in huis, maar nu vroeg papa mij voordat hij ging werken om wat extra dingen te doen. Even paracetamol halen, wat boodschapjes doen, een kopje thee zetten voor mama. Ik heb dat overigens nooit ervaren als vervelend. Ik vond het juist belangrijk om haar die steun te geven. Om bij haar te zijn. Zelf heeft ze me in die periode trouwens nooit iets gevraagd. Dat kwam eigenlijk altijd van papa. Mama spoorde me juist aan om afleiding te zoeken.’

Niet gezien

‘Als ik nu terugkijk, had ik er meer voor mama willen zijn. Vooral in die periode dat ze chemo’s kreeg. Papa ging altijd met haar mee, maar ik ben slechts vier keer mee geweest. Ik was 15 en was bezig met jongens en mijn vriendinnen. Daar heb ik nu best wel last van. Ik had veel meer voor haar kunnen doen’, klinkt het zacht. ‘En waar ik ook lang moeite mee heb gehad, is dat ik in het ziekenhuis helemaal niet gezien werd. Ik had het fijn gevonden als de artsen mij ook een keer hadden aangekeken in plaats van alleen papa. Ik mocht nooit bij gesprekken aanwezig zijn, en kreeg alle informatie doorgespeeld via papa. Ook de verpleging was eigenlijk helemaal niet met mij bezig. Behalve die ene verpleegster die zei dat ik best wel even bij mama in bed mocht gaan liggen.’

Hecht

‘Gelukkig is mama weer helemaal beter geworden’, vertelt Sarah opgelucht. ‘Ik heb een heel goede relatie met haar. Eigenlijk is ze een soort van beste vriendin van me. Ook met papa heb ik een fijne band. Door mama’s ziekte zijn we als gezin nóg hechter geworden dan we al waren. En ik denk dat haar ziekte er bij mij voor heeft gezorgd, dat ik echt over mijn gevoelens heb leren praten. Mijn moeder is heel sterk en het hele gebeuren heeft mij ook sterker gemaakt. Ze is ook altijd positief gebleven. Het heeft dus ook goede dingen voortgebracht.’

 


In aanloop naar de Dag van de Mantelzorg vragen Stichting Optimale Ondersteuning bij Kanker (OOK) samen met Gilead Sciences aandacht voor naasten van mensen die leven met kanker. Dit kan een familielid, partner of goede vriend(in) zijn die uit liefde voor de ander de rol van mantelzorger – en daarmee de zorgtaken – op zich neemt maar zichzelf wellicht (nog) niet zo ziet.


Mijn-OOK-op-computer-tablet-en-telefoon-Stichting-Optimale-Ondersteuning-bij-kanker

Heb je vragen of wil je graag hulp? Ga dan in gesprek met onze ondersteuningsconsulent via de online omgeving ‘Mijn OOK‘. Maak kennis tijdens een intakegesprek en bekijk samen wat jouw behoeften zijn. Vervolgens krijg je de begeleiding die bij jou past, zoals bijvoorbeeld een maandelijks videobelconsult. Klik op de onderstaande knop voor meer informatie.

Bekijk het webinar over hulp bij kanker terug

In het kader van Wereldkankerdag gaf oncologieverpleegkundige en ondersteuningsconsulent Suzanne van Atten afgelopen 9 februari een webinar over hulp bij kanker. In het webinar sprak zij over veelvoorkomende vragen en problemen waar oncologische patiënten tegenaan lopen tijdens en na de behandeling van kanker. Heb je het webinar gemist? Bekijk deze dan nu terug.

Suzanne beantwoordde verschillende vragen. Bijvoorbeeld over de impact op het dagelijks leven van hormoontherapie, smaakverandering, vermoeidheid, werk en zorgen voor kinderen.

Bekijk hier de video (44 minuten)


 

Mijn-OOK-op-computer-tablet-en-telefoon-Stichting-Optimale-Ondersteuning-bij-kanker

Heb je vragen of wil je graag hulp? Ga dan in gesprek met onze ondersteuningsconsulent via de online omgeving ‘Mijn OOK‘. Maak kennis tijdens een intakegesprek en bekijk samen wat jouw behoeften zijn. Vervolgens krijg je de begeleiding die bij jou past, zoals bijvoorbeeld een maandelijks videobelconsult. Klik op de onderstaande knop voor meer informatie.

“Ik voel een enorme druk om te blijven leven”

Gedachten en emoties bij kanker - gratis online ondersteuning bij kankerGedachten & emoties
Het Helen Dowling Instituut staat klaar voor mensen met kanker en hun dierbaren

 

“Wij durfden niet meer vooruit te kijken; plannen te maken. Alles wat eerst zo normaal was, is opeens weg.”

In 2012 kreeg Niels’ enige zus Sandra te horen dat zij een ongeneeslijke vorm van kanker heeft. In 2019 krijgt zijn vrouw Bianca dezelfde boodschap. “Het is niet te beschrijven, de impact die dit heeft. Je wordt overspoeld door angst en verdriet, maar het confronteerde mij ook enorm met mijn eigen sterfelijkheid. Ik voel een enorme druk om te blijven leven, want als mij iets overkomt, blijven de kinderen alleen achter.”

Niels’ vrouw Bianca krijgt het slechte nieuws in november 2019. Levensverwachting: een jaar. “Als je buiten staat na zo’n bericht, bekijk je alles anders: je leven, je werk, je -toekomst. Wij durfden niet meer vooruit te kijken; plannen te maken. Alles wat eerst zo normaal was, is opeens weg. We worstelden enorm met hoe we het moesten vertellen tegen onze kinderen. Zij waren op dat moment 7 en 10. Hoe vertel je een kind, dat eigenlijk nog niets weet van dood en leven, dat zijn moeder er over een jaar waarschijnlijk niet meer is?
We besloten eerst maar even niets te zeggen tot we wisten hoe, maar dat werkte niet.”

“Als je buiten staat na zo’n bericht, bekijk je alles anders: je leven, je werk, je -toekomst. Wij durfden niet meer vooruit te kijken; plannen te maken. Alles wat eerst zo normaal was, is opeens weg. We worstelden enorm met hoe we het moesten vertellen tegen onze kinderen.”

Open en nuchter

“Onze therapeut bij het HDI heeft ons daarbij geholpen. Het is fijn om hierover te praten met iemand die ervaring heeft. Je wilt niet dat je kinderen lijden, je wilt dat hun leven zoveel mogelijk doorgaat, maar ze merken dat wij van slag zijn. Toen we het vertelden, hadden de kinderen veel -concrete vragen. Ze wilden weten waar ze aan toe zijn. Maar juist dát weten we niet. We waren verrast hoe open en nuchter ze erover praten met vriendjes. Soms zegt de jongste opeens tijdens een speelafspraak “Mijn mama gaat dood”, waardoor andere ouders schrikken.”

“Delen is belangrijk als je elkaar niet nu al wilt verliezen.”

“Wat zie je er moe uit”

“Zelf vond ik het moeilijk om te delen hoe het met mij ging. Ik was niet met mezelf bezig. Dan stapten we binnen bij onze therapeut en zei die “Wat zie je er moe uit, Niels”, en -realiseerde ik me pas: dat bén ik ook. Het was intensief om na een werkdag een speciale maaltijd te koken voor Bianca en ook nog ander eten voor mij en de kinderen. Bianca onderging chemotherapie, dus ik wilde haar helemaal ontzien. Maar dat het een wissel op mij trok, had ik eigenlijk niet eens door. Dat was een eyeopener voor ons allebei. Tijdens de -gesprekken hoor je de ander praten en denkt: “Dat wist ik niet.” Delen is belangrijk als je elkaar niet nu al wilt verliezen.”

Lockdown

“Drie maanden later brak de coronacrisis uit. Bianca was zó bang om besmet te raken dat ze ons opsloot in huis. Daarna volgde de lockdown. Mij gaf het rust, niet meer hele dagen onderweg zijn voor werk en geen kinderen van en naar school brengen. Dat scheelde enorm in de vermoeidheid. Voor Bianca gaf het juist enorme stress omdat ze enorm angstig was. De kinderen deed het ook geen goed. School was juist dé plek waar kanker er even niet was en het leven leek op hoe het voorheen was.”

Vooruitkijken

“Dankzij de therapie durfde Bianca stapje voor stapje het leven weer toe te laten. Intussen is het ene jaar dat ze zou leven al twee jaar geworden. Aan de ene kant ontzettend fijn, maar tegelijkertijd hebben de kinderen het idee dat het wel meevalt met die kanker. Tijdens de chemo was het merkbaar en zichtbaar, maar nu ziet mamma er goed uit en lijkt ze alles weer te kunnen. Dan ben je toch bang: wanneer komt de klap? Die spanning sluimert altijd op de achtergrond en bij elke scan piekt ‘ie. Dat zie ik ook meteen aan de gezichten van de kinderen. Tegelijkertijd koesteren we de extra tijd en durven we steeds langer vooruit te denken. Ook zijn we weer op vakantie geweest afgelopen zomer. We leven weer en dat voelt goed.”

Over het Helen Dowling Instituut

Logo Helen Dowling InstituutHet Helen Dowling Instituut is een ggz-instelling die zich richt op psychologische zorg bij kanker. We bieden zorg aan mensen met kanker en hun naasten die psychologische hulp nodig hebben. Dit op meerdere locaties in Nederland. Naast de zorg verrichten we onderzoek en bieden we scholing. Het Helen Dowling Instituut staat klaar voor mensen met kanker en hun dierbaren.


 

Mijn-OOK-op-computer-tablet-en-telefoon-Stichting-Optimale-Ondersteuning-bij-kanker

Heb je vragen of wil je graag hulp bij het onderwerp ‘Gedachten & emoties’ bij kanker? Ga dan in gesprek met onze ondersteuningsconsulent via de online omgeving ‘Mijn OOK’. Maak kennis tijdens een intakegesprek en bekijk samen wat jouw behoeften zijn. Vervolgens krijg je de begeleiding die bij jou past, zoals bijvoorbeeld een maandelijks videobelconsult. Klik op de onderstaande knop voor meer informatie.


Bestel of bekijk het magazine online

Cover Magazine Leven en Kanker - Stichting OOK Dit artikel is gepubliceerd in het magazine ‘Leven & Kanker’. Bestel het magazine tegen verzendkosten, of bekijk het online.